Leren in de Kerk > Wat doet een diaken?

Wat doet een diaken?

‘Geert belde, een ouderling van onze kerk. ‘Je staat op  de lijst,’ zei hij, ‘voor diaken.’ Ik was behoorlijk verrast, heb hem meteen gevraagd wat een diaken eigenlijk doet, afgezien van het rondgaan met de collectezak en huisbezoek afleggen. Ik wist niet dat er zoveel bij kwam kijken, vooral het praktische spreekt me erg aan. Op de een of andere manier voelt het helemaal niet slecht.’
(Ronald, 38 jaar)

In een aantal kerken zie je elke zondag wel een diaken in actie. Een man of vrouw uit de gemeente die een aandeel heeft in de voorbeden en de collectes aanstuurt. Bij de voorbeden bidt deze diaken voor mensen met specifieke noden. En voorafgaand aan de collecte geeft de diaken een toelichting. Ook bij de viering van het heilig avondmaal spelen diakenen een actieve rol.
Bij andere kerkgemeenschappen worden de mensen die leiding geven aan de collecte of de voorbeden niet altijd ‘diakenen’ genoemd. Toch streven zij hetzelfde doel na, en daarom wordt ook op deze mensen gedoeld als we in dit hoofdstuk stilstaan bij het diakenschap.
Wat  doet de diaken? Het enig juiste antwoord op die vraag   is: een heleboel! En heel veel verschillende dingen, te veel om  hier op te noemen. Daarom staan we hier stil bij een paar van de meest voorkomende taken.
Wat een diaken doet hangt voor een deel af van de omstandigheden en de visie van zijn of haar eigen kerkelijke gemeenschap. Die heeft zich doorgaans gevormd naar wat we in de Bijbel lezen over de taken van een diaken. Daarom besteden we daar ook aandacht aan.

Diaken anno nu
In verschillende kerkgemeenschappen komt de diaken in actie bij de voorbeden, het avondmaal en de collecte. Achter de schermen gebeurt er nog veel meer. We noemen enkele veelvoorkomende taken.

Tijdens de dienst
De zondagse taken van diakenen moeten georganiseerd worden. Grotere gemeentes hebben vaak een rooster waarop staat welke taken je hebt op een bepaalde zondag. De organisatie van de voorbede kan een taak zijn van de diaken ‘van  dienst’. In  de ene kerk doet deze zelf de voorbeden. In de andere kerk levert deze tijdig informatie aan de voorganger. Ook bij de viering van het heilig avondmaal werken diaken en voorganger samen, maar dat is overal weer anders. Vrijwel overal zie je dat een diaken collecteert of leiding geeft aan een groep collectanten, bijvoorbeeld kinderen en jongeren. Het rooster vermeldt wie de collectanten wanneer  benadert  en  begeleidt. In  sommige  gemeentes  is men gewend dat de collectanten samen de gaven naar voren brengen en opdragen. De gaven bestaan uit geld, collectebonnen of plastic collectemunten die vanuit de kerkenraad worden aangeschaft en ‘doorverkocht’. Soms is er bij de uitgang een aparte deurcollecte.

Voor en na de dienst
Verschillende kerkgemeenschappen kennen een vervoersdienst, zodat mensen die niet mobiel genoeg zijn toch naar de kerk kunnen. En aantal gemeentes heeft een ‘deurdienst’; mensen die de bezoekers op de drempel een luisterend oor biedt. Er zijn ook kerkelijke gemeentes waar een bloemengroet wordt verzorgd voor mensen in een bijzondere situatie. Vaak coördineert iemand uit de gemeente zelf (of een werkgroep) dit. Zij maken een rooster waarop staat wie op zaterdag de bloemen koopt en voor wie deze bestemd zijn; ze zorgen voor een kaart of brief (met een groet van de voorganger) en iemand die alles bezorgt. Rond Kerst, Pasen etc. wordt vaak een attentie thuis gebracht, bij ouderen of mensen die extra zorg behoeven.
Als diaken ben je dus betrokken bij heel veel verschillende activiteiten, waar veel gemeenteleden aan deelnemen die je moet aansturen. Het is verstandig om zoveel mogelijk over te laten aan een werkgroep of commissie. Jouw taak als diaken is het om de vinger aan de pols te houden.

Bezoekwerk
Vaak wordt gedacht dat het bezoekwerk alleen iets is voor het pastoraat en dat een diaken alleen op bezoek gaat wanneer er behoefte is aan geld, goed of praktische tips. Het geestelijk gesprek zou meer iets zijn voor een ouderling of de dominee. Toch is de diaken meer dan een doorgeefluik voor geld of goed! Een diaken gaat altijd in gesprek en waar dat kan met de ander in gebed, met de Bijbel open. De diaken kijkt naar heel de mens, naar zowel het materiële als het geestelijke. Alle vragen zijn welkom; vragen rond werk en inkomen, rond ziekte, sterven en rouw, rond lichamelijke of geestelijke beperkingen, rond eenzaamheid en gevoelens van verlatenheid, maar ook vragen rond administratie, financiële schulden, detentie. Vreugde en verdriet. Het kan ook zijn dat je bij een gemeentelid wordt geroepen omdat hij zorgen heeft om een ander en zich afvraag hoe hij of de gemeente kan helpen. Hoe praktisch je werk als diaken ook is, de geestelijke dimensie zal altijd een rol spelen.
Als diaken is het ook je taak anderen aan te sturen die bezoekwerk doen. Het is belangrijk dat zij inzicht hebben in de situatie van de mensen met wie zij in contact staan. Helaas is er niet altijd oog voor de materiële en sociale aspecten van bepaalde problemen. Ouderlingen, bezoekgroepen en dominees beseffen niet altijd dat zij ook geroepen zijn tot diaconaal werk. Nodig de mensen die je bezoekt uit om over hun ervaringen te praten. Heb oog en oor voor wat de problemen doen met je zuster of broeder, bijvoorbeeld als er verdriet is. Soms kom je erachter dat iemands problemen eenvoudig verholpen kunnen worden door praktische hulp of hulpmiddelen. Wees op de hoogte van de hulp die in specifieke gevallen mogelijk is. De sociale kaart kan je hierbij helpen (zie hoofdstuk 5 van het Handboek voor diakenen).

Vergaderingen
Diakenen zijn mede-leidinggevenden in de gemeente van Christus. Praktisch betekent dit dat er regelmatig vergaderd wordt. De vergadering van de diakenen heet in veel gemeentes de diaconie. Samen bezinnen jullie je op jullie taak in de gemeente en de organisatie van het werk.
De kerkenraad vormt het bestuur van de plaatselijke gemeente of kerk. Er zijn daarnaast ook regionale en landelijke kerkelijke organen, afhankelijk van je gemeente.
Protestantse kerken worden meestal bestuurd door ‘ambtsdragers’, gemeenteleden die in een ambt zijn bevestigd tijdens een kerkdienst: diakenen, ouderlingen en predikanten. We zien steeds vaker dat de vergadertaken worden verdeeld over deze mensen.

Praktische hulp
Diakenen onderhouden contacten met instanties en organisaties die hulp bieden aan mensen in nood. Zodat ze mensen naar de juiste instanties kunnen doorverwijzen (plaatselijk), maar  ook om die instanties te steunen door middel van collecteopbrengsten en voorbede (wereldwijd). Uiteraard moet je daarin keuzes maken, je kunt niet aan alle noodvragen tegemoetkomen. Deze vier concrete tips kunnen je helpen goede beslissingen te nemen.

  1. Zorg dat je beschikt over een sociale kaart, een overzicht van organisaties, hulpverleners en activiteiten op het gebied van zorg en welzijn in jullie plaats of regio (zie hoofdstuk 5 van het Handboek voor diakenen).
  2. Sluit je als diaconie aan bij een diaconaal platform. Hierin werken diaconieën van verschillende kerken samen, vooral als het gaat om de Wet op de Maatschappelijke Ondersteuning (WMO) en andere voorzieningen, waarmee vanuit het gemeentehuis zorg en hulp wordt geregeld.
  3. Onderhoud contact met een bescheiden aantal mensen uit kwetsbare groepen in de samenleving of mensen die zich voor hen inzetten. Van hen leer je wat het is om kwetsbaar te zijn. Het is een meer persoonlijke benadering van je taak dan de beide vorige punten, en daarom een goede aanvulling.
  4. Een vierde belangrijke taak is de zorg voor onze verre naaste in nood. Ongeveer 40% van de wereldbevolking moet leven van 1 euro per dag. Velen kampen met ziekte en onrecht. Werelddiaconaat en zendingswerk gaan hand in hand. Dit hoeft geen eenrichtingsverkeer te zijn, het is mooi als er contacten zijn over en weer. Ook is het altijd belangrijk de gemeente te informeren over het doel van de collectes en het onderwerp van de gebeden.

Diaken zijn in de tijd van de Bijbel
In de grondtekst van het Nieuwe Testament komt 34 maal diakonos voor, een woord voor dat we het beste kunnen vertalen met ‘diaken’. In veel bijbelvertalingen wordt dit woord vertaald met ‘dienaar’ of ‘knecht’.
In de Bijbel is het werk van barmhartigheid en gerechtigheid een opdracht voor iedereen. Een diaken doet evenzo, maar helpt en leidt daarnaast de gemeente. De diaken is meer dan de anderen een organisator, boodschapper en bemiddelaar. In de Bijbel worden de volgende taken beschreven:

  • Getuigen in woord en daad. Volgens 1 Timoteüs 3: 8-13 vertonen diakenen bepaalde kwaliteiten. Zij zijn niet uit op winstbejag en houden geen geld achter voor zichzelf. Anders zijn zij geen voorbeeld in offervaardigheid voor de gemeente. Voor diakenen gelden bijna dezelfde eisen als voor opzieners, bij wie de bekwaamheid om te leren voorop staat (13:1-7). Beiden ‘spreken door het geloof in Christus Jezus’ (v.13). Doel is het evangelie te verkondigen in de samenleving, in woord en daad.
  • Hulp bieden met een blij hart. Paulus stelt dat diakenen ‘barmhartigheid doen in blijmoedigheid’ (Romeinen 12:8). Hij zegt dat je een ander alleen mag helpen als je er niet bij moppert. Dat betekent ook dat een diaken niet altijd volgens vaste regels werkt. Helpen is nooit iets dat automatisch gaat. Het is niet: ‘U vraagt en wij draaien.’ Het is ook niet: ‘U voldoet niet aan de eisen, dus u krijgt niks.’

Protocollen kunnen best handig zijn, maar laat altijd je hart spreken. Als het goed is gaat dit samen met een gebed om de nabijheid van Gods Geest en een open mind voor wie je ontmoet. Dan gaat er zeker iets waaien, iets waar je blij van wordt en moed van krijgt! Barmhartigheid wordt dan al snel blijmoedigheid.

  • Bouwen aan je gemeente. De leden van de kerkelijke gemeenschap worden ‘heiligen’ genoemd in Filippenzen 1:1. Samen met hen bouwt de diaken aan de gemeente. De diakenen moeten de heiligen toerusten tot ‘werken van diaconaat’ (Efeziërs 4:12). Hier draait het kennelijk om. Arme zwervers moet je onderdak geven, zegt Jesaja 58:7. Matteüs 25: 31-46 maakt duidelijk dat je de Heer dient door werken van barmhartigheid – de Griekse grondtekst zegt dat je de Mensenzoon daarmee ‘diakent’. Van belang is de manier waarop dit gebeurt. Diaconaat mag nooit iets neerbuigends hebben, is altijd wederkerig. Gaven aan mensen binnen of buiten de gemeente mogen nooit ‘vanuit de hoogte’ gegeven worden; we moeten naast de ander gaan staan en bij alle gaven ook een luisterend oor bieden. Voor God zijn gever en ontvanger gelijk. We leren dat van Paulus, wanneer hij schrijft over de collecte voor de noodlijdende gemeenteleden in Jeruzalem. Het draaide niet allereerst om het geld, maar om de gebedsgemeenschap met elkaar in verbondenheid met de Heer. Hiervoor waren zowel ontvangers en gevers zielsdankbaar. Deze eensgezindheid mocht gevierd worden (2 Korintiërs 9:12-15)!

Wat? Een vrouw?
Voor het dagelijkse ‘diaconaat van de tafel’ (de zorg voor de gemeenschappelijke maaltijden) werden zeven mannen aangewezen. De apostelen legden hun de handen op (Handelingen 6). Je zou daaruit kunnen opmaken dat dit de eerste diakenen waren: allemaal mannen. Maar al was hun taak diaconaal, toch worden deze zeven hier geen ‘diakenen’ genoemd, in tegenstelling tot anderen in de eerste gemeente.
In Romeinen 16:1 spreekt Paulus over een vrouw die hij overduidelijk aanduidt als diaken: Febe uit Kenchreae. Uit wat hij zegt blijkt dat    zij in de kerk een officiële functie bekleedde en velen bijstand heeft verleend. Paulus noemt Febe ‘vooraanstaand’ en ‘onze zuster’. Wij zouden zeggen dat Febe een ambt bekleedde (overigens komt in de Bijbel het begrip ‘ambtsdrager’ niet voor).
Ook in 1 Timoteüs 3:11 worden vrouwen genoemd die de functie van diaken bekleden. Het betreft hier geen vrouwen van opzieners en diakenen. Het zijn zusters in de gemeente die in één adem worden genoemd met andere diakenen. Of denk aan Tabita (of Dorkas) en haar liefdewerk in Handelingen 9:36-43, en aan de weduwen in 1 Timoteüs 5: 3-16. De lezers worden opgeroepen hen te eren vanwege hun functie, een functie waarvoor bepaalde kwaliteitseisen gelden (v. 9-15). Kortom: een vrouw als diaken is geheel geen onbijbels gegeven.

  • Aanvaard de ander. De apostel Paulus heeft er op gewezen dat de gemeente één moet zijn. Hij zegt dat wij daarin leden van één lichaam zijn. Elkaar helpen is een gave (Romeinen 12:7, 1 Korintiërs 12:28). Bij uitstek als het gaat om wie arm is, of kwetsbaar en zwak, of om wie lijdt. Als één lid lijdt, lijden alle leden (1 Korintiërs 12:24-26). Daarin aanvaard je elkaar (vergelijk Romeinen 15:7). Dat is wel eens lastig. Want wanneer is het eigen schuld? Wanneer pech? Wanneer moet de ander iets doen en wanneer jijzelf? We hoeven niet te oordelen. We kunnen elkaar gewoon helpen. Hierin gaan de diakenen voor. Zij ‘delen in eenvoud’ (Romeinen 12:8). Dat betekent niet dat je je simpel of onnozel voordoet. Het gaat erom dat je eerlijk en oprecht bent in wat je zegt, doet en nalaat. Zo vuurt de diaken de gemeente aan om eenvoudig te zijn naar de mensen toe. Neem hen zoals ze zijn. Met al hun vragen. Dus rechttoe rechtaan: geheel vrij van bijbedoelingen. Datzelfde mag je vragen van de anderen die bezoeken afleggen in de gemeente.
  • Volg Jezus na. De Heidelbergse Catechismus stelt dat een samenkomst zonder collecte voor de armen geen kerkdienst genoemd mag worden (zondag 38). Dat is in de geest van Matteüs 25: 31-46, waar we lezen dat degene die een hand uitsteekt naar een behoeftige, dat voor de Heer doet. Omzien naar de ander getuigt van een levend geloof in Christus. Volgens Marcus 10:43-45 wijst het diaconaat naar de Mensenzoon die bij ons is gekomen om te ‘diakenen’; ons de weg te wijzen naar barmhartigheid en gerechtigheid, door het zelf voor te doen. Daarom is het ook goed wanneer de diaken een rol heeft bij de viering van het heilig avondmaal. Het feit van Christus’ sterven en zijn opstanding ligt immers ten grondslag aan alle vormen van diaconaat. In 1 Korintiërs 10:16-17 spreekt Paulus eerst van de gemeenschap met het bloed en het lichaam van Christus. En dan noemt hij de gemeente als lichaam van Christus: ‘Omdat het één brood is, zijn wij, hoewel met velen, één lichaam; want allen hebben wij deel aan het ene brood’ (Naardense Bijbel).

Verwerking

  • Klopt de beschrijving met het beeld dat je zelf hebt van diakenen? Waarin wel of niet?
  • Er zijn gemeentes waar ze een formulier gebruiken bij de bevestiging van diakenen. Heeft jouw gemeente zo’n formulier? Welk beeld wordt daarin geschetst van de diaken? Sluit dat aan bij dit hoofdstuk? Of juist niet?
  • Als jij nu in één of twee zinnen de kern van het diaconaat zou moeten uitleggen, hoe zou dat dan klinken?
  • Zijn er in jullie gemeente vrouwen actief als diaken? Waarom wel of waarom niet? Als er geen vrouwen werkzaam zijn als diaken, hoe reageer jij dan op de bijbelgedeelten die je in het kader: ‘Wat? Een vrouw?’ hebt gelezen?

Meer lezen?

Over het diakenschap:

  • Herman van Well, Diaken in de praktijk (2009)
  • Lútzen Miedema, Nieuw diaconaat: Gids voor diakenen (2010)

Over de rol van vrouwen in de kerk:

  • David Cunningham, Loren Hamilton en Janice Rogers, Waarom geen vrouwen? Een bijbelse studie over vrouwen in zending, kerkelijk werk en leidende posities (2004).
  • Almatine Leene, Dansen in de kerk (2013)

Handige sites

  • Diaconaal Steunpunt voor Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt) en Nederlands Gereformeerde Kerken: www.diaconaalsteunpunt.nl
  • De site van de Christelijke Gereformeerde Kerken over diaconaat: http://www.cgk.nl/diaconaat
  • De site van de Protestantse Kerk in Nederland over diaconaat: http://www.pkn.nl/actief-in-de-kerk/werken/diaconaat
  • MissieNederland (voorheen Evangelische Alliantie) heeft artikelen op haar site die gaan over diaconaat: http://www.missienederland. nl/vervolgpagina/344/diaconaat

Tip: organiseer een Michacursus over goed en recht doen

Het Micha-netwerk is een wereldwijd initiatief van verschillende christelijke organisaties die met woord en daad armoede en onrecht willen bestrijden. Micha roept kerken, christenen en organisaties op om samen armoede en onrecht tegen te gaan en een duurzame levensstijl te ontwikkelen.
De Micha Cursus is een serie van zeven bijeenkomsten waarin je ontdekt hoe waardevol het is te groeien in jouw betrokkenheid op mensen dichtbij en veraf en op de schepping met haar vele rijkdommen. Het doet ertoe wat jij doet.
Voor wie in de eigen gemeente of samen met anderen een cursus wil organiseren, is het nodig een instructieavond te volgen.
Meer informatie vind je op www.michanederland.nl.

Dit artikel is als hoofdstuk 2 verschenen in het Handboek voor diakenen door Hayo Wijma.

Laat een reactie achter